ECLI:NL:RBZWB:2023:6138
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen last onder dwangsom rijksmonument
Verzoekers maakten bezwaar tegen een last onder dwangsom opgelegd door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Sluis, gericht op het in oorspronkelijke staat herstellen van het interieur van een rijksmonument. Zij vroegen de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter constateerde dat het bezwaarschrift te laat was ingediend, namelijk één dag na de wettelijke termijn van zes weken. Verzoekers voerden aan dat de overschrijding verschoonbaar was omdat het besluit verkeerdelijk in de brievenbus van een medebewoner was bezorgd.
De rechter oordeelde echter dat het besluit correct was geadresseerd aan het juiste adres dat verzoekers zelf hadden opgegeven, zonder vermelding van een busnummer. De postbezorging in de verkeerde brievenbus was daardoor te wijten aan het verzuim van verzoekers om het juiste postadres door te geven. Hierdoor waren zij in verzuim en niet-ontvankelijk in hun bezwaar.
Het verzoek om schorsing van het bestreden besluit werd daarom afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid van het bezwaar.