ECLI:NL:RBZWB:2023:6314
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroepen niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht bij belastingaanslagen 2018 en 2019
Belanghebbende heeft op 6 februari 2023 opnieuw aangiftes inkomstenbelasting en premies volksverzekeringen ingediend voor de jaren 2018 en 2019. De inspecteur had op 3 februari 2023 uitspraak gedaan op de bezwaren tegen de aanslagen over deze jaren. Deze aangiftes zijn aangemerkt als beroepschrift en doorgezonden naar de rechtbank, die bevoegd is het beroepschrift te behandelen.
De rechtbank oordeelt dat de beroepen kennelijk niet-ontvankelijk zijn omdat het griffierecht niet is betaald en het niet betalen niet verontschuldigbaar is. Artikel 8:41 van Pro de Algemene wet bestuursrecht bepaalt dat bij het instellen van beroep griffierecht moet worden betaald. In deze zaak gaat het om een bedrag van tweemaal € 50,-. De griffier heeft belanghebbende bij aangetekende brieven van 23 maart 2023 nogmaals in de gelegenheid gesteld het griffierecht binnen vier weken te betalen, maar dit is niet gebeurd.
Gezien het niet tijdig betalen van het griffierecht zonder geldige reden verklaart de rechtbank de beroepen niet-ontvankelijk. Dit betekent dat de rechtbank de beroepen niet inhoudelijk beoordeelt en dat de bestreden besluiten in stand blijven. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter S.A.J. Bastiaansen op 15 september 2023 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen niet-ontvankelijk wegens het niet betalen van het griffierecht.