ECLI:NL:RBZWB:2023:6398
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling UWV in proceskosten na intrekking beroep Wajonguitkering
Verzoeker stelde beroep in tegen het besluit van het UWV tot beëindiging van zijn Wajonguitkering per 19 augustus 2019. Het UWV nam op 18 juli 2023 een nieuw besluit waarbij de uitkering ongewijzigd werd voortgezet, waarna verzoeker het beroep introk en verzocht om veroordeling van het UWV in de proceskosten.
De rechtbank oordeelde dat het UWV aan verzoeker is tegemoetgekomen en veroordeelde het UWV daarom in de proceskosten. Het griffierecht van €47,- wordt door het UWV vergoed, zodat een aparte veroordeling daarvoor niet nodig is.
Verzoeker had ook om schadevergoeding gevraagd, maar de rechtbank wees dit af omdat de mogelijkheid om bij intrekking van het beroep direct te beslissen op schadevergoeding sinds 2013 is vervallen. Wel kan verzoeker een zelfstandig verzoek om schadevergoeding indienen volgens artikel 8:90 Awb Pro.
De proceskosten werden vastgesteld op €2.092,50 voor rechtsbijstand en €203,14 voor reiskosten naar zitting en deskundigenbezoeken. De rechtbank veroordeelde het UWV tot betaling van in totaal €2.295,64.
De uitspraak werd gedaan door rechter I.M. Josten op 7 september 2023 en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van €2.295,64 aan proceskosten aan verzoeker.