De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 23 augustus 2023 uitspraak gedaan in een rekestprocedure betreffende de verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van twee minderjarigen, geboren in 2014 en 2015. De moeder oefent het ouderlijk gezag uit en de (stief)vader is als belanghebbende erkend vanwege zijn omgangsregeling met de kinderen.
De procedure kende een lange voorgeschiedenis met meerdere eerdere beschikkingen over ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing sinds 2019. De huidige beslissing betreft een verlenging van drie maanden, van 13 september tot 13 december 2023, omdat de situatie van de minderjarigen nog steeds ernstig bedreigend is voor hun ontwikkeling en de zorgen uit eerdere beschikkingen niet zijn weggenomen.
De rechtbank benadrukt het belang van stabiliteit in de situatie van de kinderen in afwachting van het lopende onderzoek van de Raad naar een gezagsbeëindigende maatregel. Tevens wordt de (stief)vader als belanghebbende erkend en opgeroepen voor de volgende mondelinge behandeling. De beschikking wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard om directe uitvoering te waarborgen.