ECLI:NL:RBZWB:2023:6500

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
13 september 2023
Publicatiedatum
14 september 2023
Zaaknummer
10564805 CV EXPL 23-1764 (E)
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verstek
Rechters
  • Ponds
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Titel 7.2A BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing vordering consumentenkrediet met 25% vermindering koopprijs en incassokosten

In deze civiele zaak vordert Alektum Capital II AG betaling van een consumentenkrediet van gedaagde, die niet is verschenen. De kantonrechter bevestigt eerdere overwegingen uit het tussenvonnis en beoordeelt de betaal- en gebruiksvoorwaarden van de eiseres. Het is vastgesteld dat de betaalvoorwaarden van Klarna niet van toepassing zijn en dat alleen wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten in rekening zijn gebracht.

De kantonrechter oordeelt dat sprake is van kosteloos uitstel van betaling, waardoor titel 7.2A BW niet van toepassing is. De vordering wordt toegewezen, maar met een vermindering van 25% op de koopprijs conform het tussenvonnis. De eiseres heeft haar producties te laat ingebracht, wat niet tot een ander oordeel leidt.

Daarnaast wordt een vergoeding van €40 voor buitengerechtelijke incassokosten toegekend. Gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten, die deels worden gematigd vanwege het late indienen van stukken. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €226,75 met wettelijke rente en incassokosten, met 25% vermindering van de koopprijs.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Cluster I Civiele kantonzaken
Bergen op Zoom
zaak/rolnr.: 10564805 CV EXPL 23-1764
vonnis d.d. 13 september 2023
inzake
de vennootschap naar buitenlands recht
Alektum Capital II AG,
gevestigd en Zug, Zwitserland,
eiseres,
gemachtigde: Van Lith Gerechtsdeurwaarders en Incasso te Eindhoven,
tegen
[gedaagde01],
wonende in de [gemeente01] op een geheim adres,
gedaagde,
niet verschenen.

1.Het verloop van het geding

De procesgang blijkt uit:
  • het tussenvonnis d.d. 19 juli 2023, met het daarin genoemde stuk;
  • de akte na tussenvonnis d.d. 16 augustus 2023.

2.De verdere beoordeling

2.1
Al hetgeen in het tussenvonnis is overwogen en beslist, wordt hier als herhaald en ingelast beschouwd.
2.2
Bij tussenvonnis van 19 juli 2023 is eiseres in de gelegenheid gesteld zich uit te laten ten aanzien van de overwegingen van de kantonrechter met betrekking tot de overeenkomen betaalovereenkomst tussen partijen. Daarbij is eiseres – indien van toepassing – in de gelegenheid gesteld de door haar gehanteerde betaal- en gebruiksvoorwaarden in het geding te brengen.
2.3
Bij akte van 16 augustus 2023 is eiseres hiertoe overgegaan. Voor zover relevant zal de kantonrechter hierna ingaan op de stellingen van eiseres.
2.4
De kantonrechter oordeelt als volgt. Eiseres heeft bij akte voldoende onderbouwd gesteld dat de betaalvoorwaarden van Klarna niet van toepassing zijn. Voorts is gebleken dat door eiseres geen andere kosten dan wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten
conform de wet in rekening zijn gebracht. Nu er geen extra kosten zijn bedongen dan wel in
rekening gebracht, komt de kantonrechter tot het oordeel dat in onderhavige zaak sprake is van kosteloos uitstel van betaling waarop titel 7.2A niet van toepassing is.
2.5
De vordering van eiseres komt de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond en zal worden toegewezen, met dien verstande dat, zoals reeds beslist in het tussenvonnis van
19 juli 2023, de koopovereenkomst met 25 % zal worden verminderd. Het feit dat eiseres ter onderbouwing van haar stellingen bij akte alsnog producties heeft overgelegd, maakt dit niet anders. Het had op de weg van eiseres gelegen om de betreffende producties – meer in het bijzonder alle pagina’s van productie 1 – reeds bij dagvaarding in het geding te brengen. Gelet op vorenstaande zal een bedrag van € 186,75 (€ 249,00 x 0,75) worden toegewezen. De wettelijke rente zal worden toegewezen op de wijze als in het dictum vermeld.
2.6
Eiseres maakt aanspraak op een vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten. Deze vergoeding van € 40,00 zal worden toegewezen.
2.7
Gedaagde zal als de hoofdzakelijk in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten, met dien verstande dat voor de akte na tussenvonnis geen salaris zal worden toegekend nu eiseres haar dagvaarding deugdelijk had moeten weergeven. Nu slechts een gedeelte van de gevorderde hoofdsom wordt toegewezen, zal het gemachtigdensalaris op basis van het toe te wijzen bedrag worden berekend.
2.8
Gedaagde wordt als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de proceskosten aan de zijde van eiseres, tot op heden vastgesteld op:
dagvaardingskosten € 107,84
griffierecht € 128,00
salaris gemachtigde
€ 39,00
totaal € 274,84.
2.9
De nakosten aan de zijde van eiseres worden begroot op € 19,50 (half salarispunt met een maximum van € 132,00) aan salaris gemachtigde, als niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan dit vonnis is voldaan, te vermeerderen met de explootkosten van betekening van dit vonnis, als er vervolgens betekening heeft plaatsgevonden.

3.De beslissing

De kantonrechter:
veroordeelt gedaagde om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan eiseres te betalen een bedrag van € 226,75, te vermeerderen met de wettelijke rente over de verlaagde hoofdsom van € 186,75 vanaf de datum van verzuim tot de dag der algehele voldoening;
veroordeelt gedaagde in de kosten van dit geding, aan de zijde van eiseres tot op heden vastgesteld op € 274,84;
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. Ponds, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 13 september 2023.