Op 6 maart 2023 werd verdachte aangehouden in Krabbendijke met bijna 30 kilogram amfetamine in de kofferbak van de auto waarin hij reed. De rechtbank stelde vast dat verdachte als enige inzittende beschikkingsmacht had over de drugs en dat hij wetenschap had van de aanwezigheid daarvan. Verdachte voerde aan niet te weten wat er in de kofferbak lag, maar de rechtbank achtte deze verklaring ongeloofwaardig en onwaarschijnlijk.
De rechtbank baseerde haar oordeel op het feit dat het onwaarschijnlijk is dat iemand een auto met zo'n grote hoeveelheid harddrugs aan een onwetende zou meegeven. Ook het ontbreken van een rijbewijs en het onduidelijke sollicitatieverhaal van verdachte versterkten het oordeel dat hij opzet had. De rechtbank verklaarde het opzettelijk vervoeren van de amfetamine wettig en overtuigend bewezen en sprak verdachte vrij van overige ten laste gelegde feiten.
Bij de strafoplegging hield de rechtbank rekening met de ernst van het feit, de schadelijkheid van amfetamine, de rol van verdachte binnen een grotere drugsketen, zijn jonge leeftijd en een eerder druggerelateerd strafblad in Duitsland. De opgelegde straf is 42 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Tevens werd het in beslag genomen drugsvoorwerp onttrokken aan het verkeer.