Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord
- de akte van [eiser01]
- de akte van [gedaagde01] .
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Eiser heeft werkzaamheden verricht aan twee hogedrukreinigers en een Atlas kraan van gedaagde, waarvoor een factuur is gestuurd die niet volledig is betaald. Gedaagde betwist betaling omdat hij meent dat de werkzaamheden grotendeels herstel betroffen van een eerdere tekortkoming en dat de arbeidstijd aan de kraan te hoog is berekend.
De rechtbank oordeelt dat gedaagde onvoldoende bewijs heeft geleverd voor een tekortkoming in de uitvoering van de werkzaamheden door eiser. Ook is niet gebleken dat gedaagde de overeenkomst heeft ontbonden of eiser in gebreke heeft gesteld. De factuur is redelijk en de materiaalkosten worden niet betwist.
De rechtbank wijst de vordering tot betaling van de factuur en buitengerechtelijke incassokosten toe, terwijl de gevorderde rente wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van € 238,44 en de proceskosten van € 425,23.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van € 238,44 en proceskosten van € 425,23 wegens niet-betaling factuur reparatiewerkzaamheden.