Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
- cliënt, bijgestaan door haar advocaat;
2.Het verzoek
3.Standpunten
4.Beoordeling
5.Beslissing
11 maart 2024.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) verzocht de rechtbank om een machtiging tot opname en verblijf voor cliënt, geboren in 1932, vanwege haar psychogeriatrische aandoening. De cliënt lijdt aan een mengbeeld van de ziekte van Alzheimer en vasculaire dementie, met ernstige geheugen- en oriëntatieproblemen.
Tijdens de mondelinge behandeling gaf cliënt aan geen opname te willen en vond zij haar huidige woonsituatie goed. De specialist ouderengeneeskunde en maatschappelijk werkster benadrukten echter het verhoogde risico op ernstig nadeel, waaronder valgevaar, nachtelijk dwalen, sociaal isolement en agressief gedrag. De huidige zorggroep kan onvoldoende 24-uurs zorg en één-op-één begeleiding bieden.
De rechtbank oordeelde dat opname op een kleinschalige, gesloten psychogeriatrische afdeling noodzakelijk en geschikt is om ernstig nadeel te voorkomen. Minder ingrijpende alternatieven zijn niet toereikend. Gezien het verzet van cliënt is een rechterlijke machtiging vereist. De machtiging wordt voor de duur van zes maanden verleend, met als uiterste datum 11 maart 2024.
Uitkomst: De rechtbank verleent een machtiging tot opname en verblijf voor zes maanden om ernstig nadeel bij cliënt met dementie te voorkomen.