Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
2.Verzoek
3.Standpunten
4.Beoordeling
5.Beslissing
[betrokkene01], geboren op [geboortedatum01] 1996 te [geboorteplaats01] ;
2 oktober 2023;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 11 september 2023 uitspraak gedaan in een rekestprocedure op verzoek van de officier van justitie tot voortzetting van een crisismaatregel ingevolge artikel 7:7 Wvggz Pro ten aanzien van betrokkene, die verblijft in een ggz-instelling.
Betrokkene lijdt vermoedelijk aan een manische psychotische episode in combinatie met neurobiologische ontwikkelingsstoornissen. De medische verklaring en getuigenverklaringen tonen aan dat betrokkene een ernstig ontregelde toestand heeft met grootheidsgedachten, verminderde impulscontrole en gedragsproblemen die leiden tot bedreiging van medepatiënten en risico op ernstig nadeel zoals verwaarlozing en uitputting.
Hoewel betrokkene aangeeft zich beter te voelen en openstaat voor samenwerking, is de vrijwilligheid onvoldoende duurzaam en betrouwbaar. De rechtbank acht verplichte zorg noodzakelijk, waaronder medicatietoediening, medische controles, bewegingsbeperking, toezicht en opname in een accommodatie. Minder bezwarende alternatieven ontbreken.
De machtiging wordt verleend voor drie weken, met het oog op stabilisatie en het voorkomen van hernieuwd ernstig nadeel. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel met verplichte zorg voor drie weken.