Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
“Afbetaling lening”.
“Huur [adres] ”.
3.Het geschil
- achterstallige huur per 1 december 2022 € 6.163,68
- restant aanvullende afspraak € 500,00
- huur december 2022 € 3.085,00
- restant huur januari 2023 € 440,09
- huur februari 2023 € 3.525,09
- boete december 2022 tot en met februari 2023
4.De beoordeling
“huur [adres]” staat, zodat de kantonrechter op grond van artikel 6:43 BW Pro ervan uitgaat dat die betaling ziet op de huur voor januari 2023. De huur over de maand december 2022 dient dus nog door huurder te worden betaald, terwijl er over de maand januari 2023 nog een bedrag van € 440,09 verschuldigd is (zie hierna). Per saldo maakt het overigens niet uit aan welke maand deze betaling wordt toegerekend; immers als daarmee de huur over december 2022 zou zijn voldaan, is er géén huur voldaan over januari 2023, zodat de huurachterstand over de gehele periode hetzelfde blijft.
- vaststellingsovereenkomst € 6.163,68
- restant aanvullende afspraak € 500,00
- huur december 2022 tot en met maart 2023 € 10.575,27
- boete december 2022 tot en met februari 2023