ECLI:NL:RBZWB:2023:6784

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
13 september 2023
Publicatiedatum
2 oktober 2023
Zaaknummer
C/02/411520 / HA ZA 23-371 (T)
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Bodemzaak
Rechters
  • Baggel
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 843a Rv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Incident inzake afgifte van stukken voor vaststelling legitieme portie in nalatenschap

In deze civiele bodemzaak vordert eiseres, dochter van de erflater, bij wijze van incident dat gedaagde, erfgename, binnen veertien dagen diverse stukken en informatie verstrekt die nodig zijn voor de berekening van de legitieme portie. Het betreft onder meer het volledige testament, verklaring van erfrecht, waardeoverzichten van inboedel en woning, bankafschriften en schenkingen.

Gedaagde betwist het recht van eiseres op inzage in het volledige testament en de verklaring van erfrecht en stelt dat zij slechts inzage heeft gegeven in het voor eiseres relevante deel. Daarnaast geeft gedaagde aan dat overige gevraagde stukken via de advocaat van eiseres direct ter beschikking zullen worden gesteld.

De rechtbank constateert dat gedaagde reeds een groot aantal stukken beschikbaar heeft gesteld en geeft eiseres de gelegenheid om zich schriftelijk uit te laten over de betekenis hiervan voor haar vordering. De rechtbank houdt iedere verdere beslissing aan en bepaalt dat de zaak op 27 september 2023 weer op de rol komt voor nadere behandeling.

Uitkomst: De rechtbank houdt de beslissing aan en geeft eiseres gelegenheid tot nadere schriftelijke reactie; de zaak komt op 27 september 2023 weer op de rol.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Cluster II Handelszaken
Breda
zaaknummer / rolnummer: C/02/411520 / HA ZA 23-371
Vonnis in incident van 13 september 2023
in de zaak van
[eiseres] ,in haar hoedanigheid van legitimaris in de nalatenschap van
[erflater],
wonende te [woonplaats 1] ,
eiseres in de hoofdzaak,
eiseres in het incident,
advocaat mr. A.M.J. van Uitert te Waalwijk,
tegen
[gedaagde] ,in haar hoedanigheid van erfgename in de nalatenschap van
[erflater] ,
wonende te [woonplaats 2] ,
gedaagde in de hoofdzaak,
verweerster in het incident,
advocaat mr. A.J.C. Odekerken te Breda.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding tevens houdende de incidentele vordering tot afgifte van stukken, met
producties genummerd 1 tot en met 7,
- de conclusie van antwoord in incident.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.

2.De vordering in het incident

2.1.
[eiseres] vordert bij wijze van incident en tevens voorwaardelijk in de hoofdzaak dat de rechtbank [gedaagde] veroordeelt om binnen veertien dagen na betekening van het in deze te wijzen vonnis stukken/informatie af te geven aan [eiseres] , op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 250,- per dag of een dagdeel dat [gedaagde] in gebreke blijft aan deze veroordeling te voldoen tot een maximum van € 50.000,-, althans een door de rechtbank in goede justitie te bepalen dwangsom c.q. maximum.
Het betreft de volgende stukken:
  • het volledige testament van erflater;
  • de volledige verklaring van erfrecht;
  • de volledige samenlevingsovereenkomst van [gedaagde] en erflater;
  • bewijs van de waarde van de woning aan de [adres] te [plaats] per
datum overlijden van erflater ( [datum] );
- bewijs van de waarde van de volledige inboedel, die zich op de datum van het overlijden
van erflater ( [datum] ) in de woning aan de [adres] te [plaats]
bevond;
  • de aangiften inkomstenbelasting van erflater over de jaren 2019, 2020, 2021 en 2022;
  • alle afschriften van alle rekeningen aanwezig op de datum van overlijden van vijf jaar voor
de datum van overlijden ( [datum] ) tot op heden, meer specifiek in ieder geval de
afschriften over de genoemde periode van de rekeningen met de nummers:
[rekeningnummer 1]
[rekeningnummer 2]
[rekeningnummer 3] (Rabobank);
- overzicht van gedane schenkingen/giften in de periode tot vijf jaar voor het overlijden van
erflater ( [datum] );
  • overzicht verstrekte leningen;
  • opgave van kapitaal- dan wel lijfrenteverzekeringen.
Daarnaast vordert [eiseres] in incident dat [gedaagde] wordt veroordeeld in de kosten van het geding, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover en te vermeerderen met de nakosten.
2.2.
[eiseres] legt aan haar vordering ten grondslag dat zij de dochter is van erflater en dat zij aanspraak heeft gemaakt op haar legitieme portie. Om de omvang van de legitieme te kunnen berekenen heeft zij recht op en belang bij inzage in de genoemde stukken. Tot op heden heeft [gedaagde] niet voldaan aan het verzoek van [eiseres] om deze stukken aan haar te verstrekken.

3.Het verweer in het incident

3.1.
[gedaagde] heeft bij conclusie van antwoord gesteld dat [eiseres] geen recht heeft op inzage in het volledige testament, maar slechts in het gedeelte dat haar aangaat. Dit is al ter beschikking gesteld en hieruit volgt dat [gedaagde] enig erfgenaam is en dat de legitieme portie pas na het overlijden van [gedaagde] opeisbaar is. [eiseres] heeft ook geen recht op afgifte van de verklaring van erfrecht. [gedaagde] heeft een bewerkte kopie van de verklaring van erfrecht overigens wel aan [eiseres] verstrekt. Hieruit blijkt dat [gedaagde] enig erfgenaam is en dat zij de nalatenschap zuiver heeft aanvaard.
3.2.
Ten aanzien van de overige stukken stelt [gedaagde] dat deze stukken, voor zover daarvan sprake is, via de advocaat van [eiseres] per direct ter beschikking zullen worden gesteld.

4.De beoordeling in het incident

4.1.
Nu [gedaagde] in haar conclusie van antwoord heeft aangegeven een goot aantal stukken per direct via de advocaten ter beschikking te zullen stellen en dit zich aan het zicht van de rechtbank onttrekt, stelt de rechtbank [eiseres] in de gelegenheid om zich bij akte uit te laten over wat dit betekent voor het door haar gevorderde. Bij toewijzing van de vordering voor wat betreft stukken die inmiddels reeds in haar bezit zijn, bestaat in beginsel immers niet langer belang.
4.2.
In afwachting van het voorgaande wordt iedere verdere beslissing aangehouden.

5.De beslissing

De rechtbank
in het incident
5.1.
bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van
27 september 2023voor akte aan de zijde van [eiseres] ,
5.2.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. Baggel en in het openbaar uitgesproken op 13 september 2023.