ECLI:NL:RBZWB:2023:7058
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Rekestprocedure
- Sumner
- Rechtspraak.nl
Machtiging tot uithuisplaatsing minderjarige in gezinshuis ondanks medische wensen
De zaak betreft een verzoek van de Gecertificeerde Instelling tot machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige. De kinderrechter behandelde op 22 september 2023 het reguliere verzoek na afwijzing van een spoedmachtiging. De minderjarige heeft een lange geschiedenis van hulpverlening en therapieën en kan thuis niet goed tot ontwikkeling komen. De ouders zijn overbelast en kunnen de noodzakelijke zorg niet meer bieden.
De minderjarige wenst de uithuisplaatsing uit te stellen tot na haar herstel van een galstenenoperatie, maar de kinderrechter acht het in haar belang dat de plaatsing nu plaatsvindt omdat de beschikbare plek in het gezinshuis mogelijk na herstel niet meer beschikbaar is. De kinderrechter erkent de spanning en angst van de minderjarige, maar benadrukt dat het herstel ook in het gezinshuis goed kan plaatsvinden.
De beslissing is uitvoerbaar bij voorraad verklaard vanwege het belang van de minderjarige. De machtiging geldt van 22 september 2023 tot 24 mei 2024. Het hoger beroep kan binnen drie maanden worden ingesteld bij het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch.
Uitkomst: Machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige in een gezinshuis wordt verleend van 22 september 2023 tot 24 mei 2024.