Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
2.Verzoek
3.Standpunten
4.Beoordeling
5.Beslissing
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 1960 te [geboorteplaats] ;
5 april 2024;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 5 oktober 2023 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 6:4 Wvggz Pro ten aanzien van betrokkene, die lijdt aan diverse psychische stoornissen waaronder bipolaire-stemmingsstoornissen en neurobiologische ontwikkelingsstoornissen.
Betrokkene en zijn advocaat verzetten zich tegen het verzoek, stellende dat betrokkene geen bipolaire stoornis heeft maar hoog sensitiviteit en dat hij het niet eens is met de gedwongen medicatie. Betrokkene woont sinds kort in een woonzorgcentrum waar hij goede zorg ontvangt en wil daar blijven. De sociaal psychiatrisch verpleegkundige bevestigde dat verplichte zorg noodzakelijk is voor het toedienen van medicatie en medische controles, maar dat gedwongen opname niet nodig is.
De rechtbank oordeelde dat betrokkene ernstig nadeel kan ondervinden zonder medicatie, zoals verergering van lichamelijke klachten, overlastgevend gedrag en destabilisatie van zijn psychiatrische toestand. Er zijn geen passende vrijwillige zorgmogelijkheden en betrokkene erkent zijn problematiek onvoldoende.
De rechtbank verleent daarom een zorgmachtiging voor zes maanden voor het toedienen van medicatie en medische controles, met de verplichting om de wensen van betrokkene te respecteren en te blijven zoeken naar geschikte medicatie. Andere vormen van verplichte zorg worden afgewezen omdat deze niet noodzakelijk zijn. De machtiging geldt tot 5 april 2024.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden voor het toedienen van medicatie en medische controles, andere vormen van verplichte zorg worden afgewezen.