Op 7 juli 2023 werd verdachte aangehouden op de A16 bij Breda terwijl hij als enige inzittende een auto bestuurde waarin ruim 1,6 kilogram heroïne werd aangetroffen. De rechtbank stelde vast dat verdachte vanuit België de Nederlandse grens was gepasseerd en dat hij beschikkingsmacht had over de drugs. Verdachte ontkende wetenschap van de heroïne, maar zijn verklaring werd door de rechtbank als ongeloofwaardig verworpen.
De rechtbank oordeelde dat verdachte opzettelijk heroïne had ingevoerd en dat het feit strafbaar was. De strafzaak werd inhoudelijk behandeld op 11 oktober 2023, waarbij de officier van justitie een gevangenisstraf van 18 maanden vorderde, terwijl de verdediging vrijspraak bepleitte of rekening vroeg te houden met het blanco strafblad van verdachte.
Uiteindelijk legde de rechtbank een gevangenisstraf van 12 maanden op, met aftrek van de tijd in voorarrest, conform de richtlijnen voor deze hoeveelheid heroïne. De straf zal volledig binnen de penitentiaire inrichting worden uitgevoerd, tenzij verdachte in aanmerking komt voor een penitentiair programma.