Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
2.Verzoek
3.Standpunten
4.Beoordeling
5.Beslissing
[betrokkene01], geboren op [geboortedatum01] 1990 te [plaats01] ;
24 april 2024;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 24 oktober 2023 een zorgmachtiging verleend aan betrokkene, geboren in 1990, op verzoek van de officier van justitie. Het verzoek betrof verplichte zorg op grond van artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), vanwege een psychotische stoornis en verward gedrag.
Tijdens de mondelinge behandeling was betrokkene aanwezig met zijn advocaat, evenals behandelaren van het FACT-team. De officier van justitie was niet aanwezig. Betrokkene ontkende psychische problematiek en wees opname af, terwijl de behandelaren stelden dat hij niet openstaat voor behandeling en dat gedwongen opname noodzakelijk is.
De rechtbank concludeerde op basis van medische verklaringen en het zorgplan dat betrokkene lijdt aan een psychotische stoornis met ernstig nadeel, waaronder verwaarlozing, agressie en maatschappelijke teloorgang. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven en de verplichte zorg is evenredig en effectief.
De machtiging omvat onder meer medicatietoediening, medische controles, bewegingsbeperkingen, insluiting, beperkingen in het gebruik van communicatiemiddelen en opname in een accommodatie. De machtiging geldt voor zes maanden tot en met 24 april 2024. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden met verschillende vormen van verplichte zorg aan betrokkene.