Uitspraak
RECHTBANK Zeeland-West-Brabant
1.[eiser in conventie sub 01] ,
2.
[eiser in conventie sub 02],
3.
[eiser in conventie sub 03],
4.
[eiser in conventie sub 04],
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 17 oktober 2023, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt,
- de spreekaantekeningen van [eiser in conventie sub 01] , [eiser in conventie sub 02] , [eiser in conventie sub 03] en [eiser in conventie sub 04] ,
- de spreekaantekeningen van [gedaagde01] .
- Partijen zijn erfgenamen van wijlen de heer [erflater01] (hierna: erflater), die op [datum01] is overleden.
- Bij de afwikkeling van de nalatenschap van erflater is er tussen partijen een geschil ontstaan over de wijze waarop de nalatenschap verdeeld moest worden, welk geschil is uitgemond in een dagvaardingsprocedure waarbij op de mondelinge behandeling d.d. 14 juli 2022 een vaststellingsovereenkomst is gesloten (hierna: de vaststellingsovereenkomst).
- In de vaststellingsovereenkomst is onder andere het volgende opgenomen:
- Op 8 augustus 2022 is er ten aanzien van het appartement in Zwitserland een overeenkomst c.q. intentieverklaring overeengekomen tussen [gedaagde01] en de heer [naam01] , inhoudende dat de heer [naam01] de intentie heeft om het appartement voor een bedrag van CHF 110.000,00 te kopen.
- Bij e-mailbericht d.d. 14 augustus 2022 bericht [gedaagde01] aan [eiser in conventie sub 01] , [eiser in conventie sub 02] , [eiser in conventie sub 03] en [eiser in conventie sub 04] :
- Bij e-mailbericht d.d. 18 oktober 2022 bericht mr. [naam02] van [notariskantoor01] het volgende ten aanzien van de akte van verdeling met betrekking tot het landgoed aan [gedaagde01] :
“Ik heb het genoegen u te informeren over de stand van zaken met betrekking tot de overdracht van de appartement van de gemeenschap van erfgenamen in [hotel01] in [plaats06] .