Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van de procedure
De feiten
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Brabant tot verlenging van de ondertoezichtstelling van een minderjarige die sinds 2021 onder toezicht staat. De minderjarige woont bij de moeder en heeft een moeilijke situatie door de spanningen tussen zijn ouders, die beiden het ouderlijk gezag dragen.
Tijdens de mondelinge behandeling, waarbij de minderjarige telefonisch werd gehoord, gaf hij aan dat het goed met hem gaat en hij de gesprekken met zijn coach waardeert. Toch blijft hij klem zitten tussen zijn ouders door voortdurende conflicten en spanningen, wat zijn ontwikkeling bedreigt. De gecertificeerde instelling benadrukt het belang van voortzetting van hulpverlening, waaronder nieuwe begeleiding en EMDR-therapie voor de vader.
De kinderrechter oordeelt dat aan de wettelijke criteria voor verlenging is voldaan en verlengt de ondertoezichtstelling van de minderjarige voor de duur van een jaar, met ingang van 29 oktober 2023. De beslissing wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard om de continuïteit van de hulpverlening te waarborgen. De ouders worden aangespoord zich volledig in te zetten voor de hulpverlening en het verbeteren van de situatie.
Uitkomst: De kinderrechter verlengt de ondertoezichtstelling van de minderjarige met een jaar vanwege aanhoudende spanningen tussen de ouders en bedreiging van de ontwikkeling.