Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
2.Verzoek
3.Standpunten
4.Beoordeling
5.Beslissing
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 2002 te [geboorteplaats] ;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 25 oktober 2023 uitspraak gedaan over het verzoek van de officier van justitie tot verlenging van een crisismaatregel op grond van artikel 7:7 Wvggz Pro ten aanzien van betrokkene, geboren in 2002. Betrokkene verblijft momenteel in een accommodatie van Stichting Emergis en is eerder opgenomen vanwege een crisismaatregel die op 23 oktober 2023 is opgelegd.
Tijdens de mondelinge behandeling waren betrokkene, haar advocaat, een verpleegkundig specialist, een arts in opleiding tot psychiater (AIOS) en een verpleegkundige aanwezig. De officier van justitie was niet aanwezig. Betrokkene wenst terug te keren naar haar begeleide woonvorm, maar de AIOS en verpleegkundig specialist geven aan dat dit momenteel niet veilig is vanwege het risico op zelfbeschadiging en het ontbreken van veiligheidsafspraken.
De rechtbank stelt vast dat er een vermoeden bestaat dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, waaronder een borderline-persoonlijkheidsstoornis en een autismespectrumstoornis. Er is sprake van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, waaronder levensgevaar en ernstige psychische schade, bevestigd door politie-incidenten en verklaringen van betrokkene zelf. De rechtbank acht de voortzetting van de crisismaatregel noodzakelijk om de veiligheid van betrokkene te waarborgen.
De verplichte zorg omvat onder meer medicatie, bewegingsbeperking, insluiting, toezicht, onderzoek aan lichaam en verblijfsruimte, en beperkingen in de vrijheid. Minder bezwarende alternatieven zijn niet beschikbaar. De machtiging wordt verleend tot en met 15 november 2023, met afwijzing van overige verzoeken.
Uitkomst: De rechtbank verleent machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel met verplichte zorg tot en met 15 november 2023.