ECLI:NL:RBZWB:2023:7814
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Rekestprocedure
- Van Triest
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek moeder tot wijziging opvoedondersteuning ondertoezichtstelling
De moeder heeft een geschil voorgelegd over de uitvoering van de ondertoezichtstelling van haar minderjarige kind, waarbij zij verzocht dat de opvoedondersteuning enkel bij de vader zou plaatsvinden tijdens de omgangsuren. De GI had een besluit genomen om ook bij de moeder een gezinstaxatie uit te voeren vanwege zorgen over haar emotionele toestemming voor het contact tussen kind en vader.
Tijdens de zitting werd duidelijk dat de vader positief ondersteund wordt door zijn netwerk en dat er geen zorgen zijn over zijn opvoedsituatie. De moeder daarentegen heeft al langdurige hulpverlening, maar er zijn zorgen over haar houding ten opzichte van de vader in het bijzijn van het kind. De Raad voor de Kinderbescherming adviseerde om ook bij de moeder een gezinstaxatie te laten uitvoeren.
De kinderrechter oordeelde dat het verzoek van de moeder onvoldoende gegrond is, omdat het belang van het kind vraagt om zicht te krijgen op de situatie bij de moeder. De positieve ontwikkeling van het kind en het ontbreken van zorgen bij de vader ondersteunen dit oordeel. Het verzoek tot wijziging van het besluit van de GI werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek van de moeder om opvoedondersteuning alleen bij de vader in te zetten wordt afgewezen.