ECLI:NL:RBZWB:2023:7979
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen toekenning begeleiding op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015
Eiseres, die lijdt aan de ziekte van Steinert en diverse gezondheidsproblemen heeft, maakte bezwaar tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Middelburg dat haar begeleiding toekende voor de periode van 15 november 2021 tot en met 30 april 2022. Het college handhaafde het besluit na bezwaar. Eiseres stelde dat de ambulante begeleiding essentieel is voor haar dagelijkse functioneren en dat de voorliggende voorzieningen onvoldoende zijn.
De rechtbank overwoog dat zij slechts het bestreden besluit kan beoordelen en dat er procesbelang moet zijn. Omdat de periode van het besluit al was verstreken en eiseres op de zitting aangaf het eens te zijn met de toegekende uren in die periode, maar niet met het ontbreken van begeleiding na 1 mei 2022, kon de rechtbank het beroep niet inhoudelijk beoordelen. Er was geen nieuwe aanvraag voor begeleiding na 1 mei 2022 ingediend, noch aannemelijk gemaakt.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken van procesbelang. De rechtbank merkte op dat bij een eventuele nieuwe aanvraag het college de datum van de zitting als meldingsdatum zal aanmerken. Eiseres kreeg geen vergoeding van haar griffierecht. De uitspraak werd gedaan door rechter V.M. Schotanus op 13 november 2023.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.