Uitspraak
1.[gedaagde 1] ,
[gedaagde 2],
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Eiser kocht een woning waarvan later bleek dat de dakconstructie geluidsoverlast veroorzaakte door knallende dakplaten, een gebrek dat het normaal gebruik van de woning belemmerde. Uit bouwkundig onderzoek bleek dat de dakplaten niet volgens de voorschriften waren gelegd, wat leidde tot geluidsoverlast boven de normen van het Activiteitenbesluit.
Gedaagden betwistten de rapporten en stelden dat het geluid bekend was en niet hinderlijk, maar de rechtbank oordeelde dat de geluidsoverlast objectief significant was en dat gedaagden het gebrek hadden verzwegen. De woning voldeed daardoor niet aan de koopovereenkomst, ondanks dat de koper bekend was met het kraken van het dak bij wind.
De rechtbank stelde vast dat het gebrek bij de eigendomsoverdracht aanwezig was en dat eiser niet tekort was geschoten in haar onderzoeksplicht. Gedaagden werden veroordeeld tot betaling van herstelkosten van € 11.797,50, onderzoekskosten en wettelijke rente vanaf 6 oktober 2021, alsmede proceskosten. De vordering tot incassokosten werd afgewezen wegens ontbreken van een kosteloze aanmaning.
Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld tot betaling van herstelkosten, onderzoekskosten, wettelijke rente en proceskosten wegens non-conformiteit van de woning.