ECLI:NL:RBZWB:2023:8006
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bezwaar tegen naheffingsaanslag personenauto’s en motorrijwielen niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding
Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen een naheffingsaanslag voor belasting van personenauto’s en motorrijwielen. De inspecteur heeft dit bezwaar niet-ontvankelijk verklaard omdat het niet tijdig was ingediend. De rechtbank bevestigt dat het bezwaar te laat is ontvangen, namelijk op 10 augustus 2022, terwijl de termijn eindigde op 8 juli 2022.
Belanghebbende heeft geen verontschuldiging gegeven voor de termijnoverschrijding, waardoor het bezwaar terecht niet-ontvankelijk is verklaard. De rechtbank oordeelt dat de termijn van zes weken voor het indienen van een bezwaarschrift niet in strijd is met het Unierecht. De regels omtrent verzending en ontvangst van het bezwaarschrift zijn hierbij van toepassing.
Daarnaast bevat het beroep inhoudelijke standpunten tegen de beslissing van de inspecteur om de naheffingsaanslag niet ambtshalve te verminderen. De rechtbank verklaart zich hiervoor onbevoegd omdat dergelijke beslissingen niet voor bezwaar en beroep vatbaar zijn, en verwijst naar de civiele rechter voor rechtsmiddelen.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond voor zover het ziet op de uitspraak op bezwaar en verklaart zich onbevoegd voor het overige. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter S.A.J. Bastiaansen op 17 november 2023 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het bezwaar is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn en het beroep is ongegrond.