ECLI:NL:RBZWB:2023:8276
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Rekestprocedure
- Dijkman
- Duerink-Bottinga
- Rechtspraak.nl
Verlening voorwaardelijke machtiging gesloten jeugdhulp aan minderjarige na positieve ontwikkeling
De zaak betreft een verzoek van het college van burgemeester en wethouders van Vlissingen tot verlenging van een voorwaardelijke machtiging gesloten jeugdhulp voor een minderjarige geboren in 2009. Na een eerdere gesloten plaatsing bij een jeugdhulpinstelling is de minderjarige sinds kort weer bij haar moeder thuis en volgt zij een nieuwe school. De minderjarige en haar ouders stemmen in met de voortzetting van de jeugdhulp onder voorwaarden.
De kinderrechter constateert dat de minderjarige aanzienlijke vooruitgang heeft geboekt tijdens haar verblijf in de gesloten jeugdhulp, met verbeterd gedrag en meer zelfinzicht. De behandeling wordt voortgezet via therapie en schooltraject. Wel is er nog een veiligheidsprobleem in de wijk waardoor de minderjarige momenteel niet naar buiten kan, omdat een veiligheidsplan nog niet is opgesteld.
Het college heeft het eerdere verzoek tot gesloten plaatsing ingetrokken en verzoekt nu om een voorwaardelijke machtiging voor zes maanden. De kinderrechter oordeelt dat aan de wettelijke vereisten voor verlening is voldaan en verleent de machtiging. Tevens wordt het college dringend verzocht om prioriteit te geven aan het opstellen van het veiligheidsplan zodat de minderjarige zich vrij kan bewegen en haar ontwikkeling niet wordt belemmerd.
Het resterende deel van het eerdere verzoek tot gesloten plaatsing wordt afgewezen omdat het college dit heeft ingetrokken. De beschikking is mondeling gegeven op 19 september 2023 en schriftelijk op 11 oktober 2023.
Uitkomst: De kinderrechter verleent een voorwaardelijke machtiging gesloten jeugdhulp voor zes maanden onder voorwaarden en verzoekt het college het veiligheidsplan met prioriteit op te stellen.