Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
2.Verzoek
3.Standpunten
4.Beoordeling
5.Beslissing
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 1991 te [geboorteplaats] ;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 8 november 2023 het verzoek van de officier van justitie tot verlenging van een crisismaatregel op grond van artikel 7:7 Wvggz Pro voor betrokkene, die verblijft op een forensisch psychiatrische afdeling. Betrokkene weigerde tijdens de zitting te worden gehoord en de behandeling vond in zijn afwezigheid plaats.
De regiebehandelaar en arts rapporteerden dat betrokkene vanwege zijn psychotische stoornis en weigering van medicatie agressief gedrag vertoont en dat de situatie recentelijk escaleerde. De noodzakelijke zorg omvat onder meer het toedienen van depotmedicatie en toezicht, die niet op strafrechtelijke basis kunnen worden afgedwongen. Betrokkene vertoont geen ziektebesef en werkt niet mee aan behandeling.
De rechtbank concludeerde dat er een onmiddellijk dreigend ernstig nadeel bestaat door levensgevaar en ernstig letsel, veroorzaakt door de psychische stoornis. De gevraagde zorgmaatregelen zijn noodzakelijk, evenredig en er zijn geen minder bezwarende alternatieven. De machtiging wordt verleend voor drie weken, met uitzondering van aanvullende zorgvormen die niet door de officier zijn verzocht en die deels via het huisreglement of strafrechtelijk kader kunnen worden toegepast.
De beschikking is op 8 november 2023 mondeling gegeven en op 16 november schriftelijk uitgewerkt. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor drie weken verleend.