ECLI:NL:RBZWB:2023:8463
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- S. Hindriks
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering omgevingsvergunning functiewijziging rijksmonument
Eiser vroeg een omgevingsvergunning aan voor het wijzigen van de functie van een deel van een rijksmonument van kantoor naar wonen en kantoor, inclusief inpandige verbouwingen. Het college weigerde de vergunning op 10 januari 2023, met als reden dat de voorgestelde aanpassingen afbreuk doen aan de monumentale waarden van het pand. Eiser stelde dat het college de vergunning onterecht weigerde en dat het besluit niet voldoende gemotiveerd was.
De rechtbank oordeelde dat het college terecht het advies van de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed (RCE) had ingewonnen en de uniforme openbare voorbereidingsprocedure had toegepast. De weigering was inhoudelijk gebaseerd op het beschermen van de monumentale waarden, wat volgens de rechtbank gegrond was. Het college had echter nagelaten de weigering van de vergunning voor de activiteiten bouwen en handelen in strijd met het bestemmingsplan voldoende te motiveren.
De rechtbank vernietigde het besluit vanwege dit motiveringsgebrek, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand omdat het college op zitting alsnog voldoende toelichting gaf. Het beroep werd gegrond verklaard en het college werd veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht aan eiser.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van de omgevingsvergunning wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.