ECLI:NL:RBZWB:2023:8533
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Kort geding
- Combee
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot uitbreiding en opheffing begeleiding omgangsregeling minderjarige
De vader vordert een voorlopige omgangsregeling met zijn minderjarige dochter om de week zonder begeleiding, met langere contactduur dan de bestaande regeling. De rechtbank overweegt dat het contact sinds juni 2023 is verbroken, maar dat alle betrokkenen het herstel van contact wensen. De minderjarige wil het contact rustig opbouwen en geeft de voorkeur aan begeleiding.
De rechtbank bevestigt de eerder vastgestelde omgangsregeling van maart 2023, waarbij omgang één keer per vier weken onder begeleiding plaatsvindt. De vader weigert verdere begeleiding, maar de rechtbank benadrukt het belang van bescherming van de minderjarige tegen negatieve invloeden en het belang van geleidelijke opbouw.
De rechtbank wijst het verzoek af vanwege het ontbreken van gewijzigde omstandigheden die een ruimere regeling rechtvaardigen en het belang van de minderjarige. De zaak wordt overgedragen aan een andere gecertificeerde instelling, wat mogelijk ruimte biedt voor hernieuwd overleg over begeleiding.
De minderjarige ontvangt een brief waarin de beslissing en motivatie op kindvriendelijke wijze worden uitgelegd.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek van de vader af en handhaaft de bestaande begeleide omgangsregeling.