ECLI:NL:RBZWB:2023:8535
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Beschikking
- van den Boom
- Rechtspraak.nl
Ontslag op staande voet niet rechtsgeldig verklaard wegens ontbreken dringende reden
De werknemer trad op 11 juli 2022 in dienst bij Braza Projectinrichting B.V. Op 24 augustus 2023 werd hij op staande voet ontslagen, wat op 7 september 2023 schriftelijk werd bevestigd met vermelding van de reden. De werknemer, vertegenwoordigd door zijn beschermingsbewindvoerder, stelde dat het ontslag niet rechtsgeldig was omdat een dringende reden ontbrak en de melding van de reden niet onverwijld plaatsvond.
Tijdens de procedure werd Braza Projectinrichting failliet verklaard op 7 november 2023. De kantonrechter maakte onderscheid tussen verifieerbare en niet-verifieerbare vorderingen in faillissement. Het verzoek tot vernietiging van het ontslag op staande voet betreft een niet-verifieerbare vordering, waarvoor behandeling mogelijk blijft vanwege het belang van de werknemer bij zijn uitkeringsrechten.
De kantonrechter oordeelde dat het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig was omdat geen dringende reden was aangetoond en de melding niet onverwijld had plaatsgevonden. Daarom werd het ontslag vernietigd en werd Braza Projectinrichting veroordeeld om de werknemer toe te laten zijn werkzaamheden te hervatten of mee te werken aan re-integratie. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet wordt vernietigd en de werknemer mag zijn werkzaamheden hervatten of deelnemen aan re-integratie.