Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen de weigering van een Wajong-uitkering door het UWV en stelt dat het UWV niet tijdig op haar bezwaar heeft beslist. De rechtbank beoordeelt dat het UWV de beslistermijn van zeventien weken, verlengd met zes weken, heeft overschreden. Eiseres heeft het UWV vervolgens ingebreke gesteld en na het verstrijken van twee weken beroep ingesteld.
De rechtbank oordeelt dat het beroep kennelijk gegrond is en legt het UWV op binnen twee maanden na verzending van het vonnis alsnog een besluit te nemen. De rechtbank houdt rekening met de noodzaak van een zorgvuldige heroverweging, mede vanwege een achterstand in het inplannen van hoorzittingen door een tekort aan verzekeringsartsen.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom op van €100 per dag dat het UWV de nieuwe termijn overschrijdt, met een maximum van €15.000. Het UWV wordt ook veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en proceskosten aan eiseres. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 7 december 2023.