ECLI:NL:RBZWB:2023:8763
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank verklaart zich onbevoegd over beroep tegen kwijtscheldingsuitspraak gemeentelijke belastingen
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de uitspraak op het administratief beroep van 18 augustus 2023, betreffende het verzoek om kwijtschelding van gemeentelijke belastingen. De rechtbank heeft zonder zitting uitspraak gedaan omdat zij kennelijk onbevoegd is om over dit beroep te oordelen, conform artikel 8:54 Awb Pro.
De invorderingsambtenaar beslist op het verzoek om kwijtschelding bij een kwijtscheldingsbeschikking. Tegen deze beschikking kan binnen tien dagen administratief beroep worden ingesteld bij het dagelijks bestuur van de Belastingsamenwerking West-Brabant. De uitspraak van het dagelijks bestuur is het bestreden besluit.
De rechtbank stelt vast dat zowel de kwijtscheldingsbeschikking als de uitspraak van het dagelijks bestuur besluiten zijn op grond van de Invorderingswet 1990. Op grond van artikel 8:5 Awb Pro en de Bevoegdheidsregeling bestuursrechtspraak is de bestuursrechter niet bevoegd om tegen deze besluiten beroep te behandelen. Dit betekent dat de rechtbank geen oordeel kan geven over het beroep van belanghebbende, ook niet over de klacht dat hij niet is gehoord. Rechtsmiddelen kunnen bij de civiele rechter worden aangewend.
De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en ziet af van griffierecht. De uitspraak is gedaan door rechter S.A.J. Bastiaansen en griffier P. van der Hoeven op 15 december 2023 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd om te oordelen over het beroep tegen de uitspraak op het administratief beroep inzake kwijtschelding.