Uitspraak
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 7 november 2023, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Tussen eiser en gedaagde is op 30 juni 2023 een overeenkomst tot dienstverlening gesloten, waarbij eiser juridische adviesdiensten zou leveren aan gedaagde. Eiser factureerde twee bedragen in juli en augustus 2023, die ondanks herhaalde aanmaningen onbetaald bleven. Gedaagde erkende de vordering maar verzocht om een betalingsregeling.
De kantonrechter overwoog dat bij een vordering tot betaling in kort geding terughoudendheid geboden is, maar dat het niet betwisten van de vordering en het niet nakomen van betalingsbeloften voldoende spoedeisend belang oplevert. De belangenafweging wees uit dat eiser recht heeft op een executoriale titel en dat gedaagde geen onaanvaardbaar restitutierisico loopt.
De rechter wees de hoofdsom van €4.452,80 toe, inclusief contractuele rente en buitengerechtelijke incassokosten conform het toepasselijke Besluit. De gevorderde wettelijke rente over de incassokosten en proceskosten werd eveneens toegewezen. Een betalingsregeling kan alleen tussen partijen worden overeengekomen. Gedaagde werd veroordeeld in de proceskosten, en het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van openstaande facturen, rente, incassokosten en proceskosten.