ECLI:NL:RBZWB:2023:8844

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
14 december 2023
Publicatiedatum
18 december 2023
Zaaknummer
AWB- 23_10263
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:12 AwbArt. 6:13 AwbArt. 6:19 AwbArt. 7:10 AwbArt. 7:13 Awb
Verwijzingen
7 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep wegens te vroege ingebrekestelling bij niet tijdig beslissen op bezwaar kinderopvangtoeslag

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen door de Belastingdienst/Toeslagen op haar bezwaar tegen een afwijzende beschikking eerste toets kinderopvangtoeslag. Dit bezwaar betrof ook de definitieve beschikking beoordeling kinderopvangtoeslag die het eerdere besluit verving.

De rechtbank beoordeelt dat voordat een beroep kan worden ingesteld wegens niet tijdig beslissen, de betrokkene eerst een ingebrekestelling moet sturen waarin wordt verzocht binnen twee weken alsnog te beslissen. Pas als na die termijn geen besluit volgt, kan beroep worden ingesteld.

In deze zaak heeft eiseres de ingebrekestelling op 28 september 2023 gestuurd, terwijl de beslistermijn nog liep tot 4 oktober 2023. Hierdoor is de ingebrekestelling te vroeg verzonden en is het beroep niet-ontvankelijk. De rechtbank kan het beroep daarom niet inhoudelijk beoordelen.

De rechtbank benadrukt dat de niet-ontvankelijkverklaring niet betekent dat de Belastingdienst niet alsnog moet beslissen op het bezwaar. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 14 december 2023.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te vroege ingebrekestelling.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Bestuursrecht
zaaknummer: BRE 23/10263

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 14 december 2023 in de zaak tussen

[eiseres] , uit [plaats], eiseres

(gemachtigde: mr. N. Kose-Albayrak),
en

Belastingdienst/Toeslagen, verweerder.

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep dat eiseres heeft ingesteld omdat verweerder volgens haar niet op tijd heeft beslist op haar bezwaar van 24 mei 2023, door verweerder ontvangen op 31 mei 2023, tegen de afwijzende beschikking eerste toets € 30.000,- van 5 augustus 2022. Dit bezwaar heeft ook betrekking op de definitieve beschikking beoordeling kinderopvangtoeslag van 14 maart 2023, omdat deze het besluit van 5 augustus 2022 vervangt. [1]
1.1.
Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk.

Beoordeling door de rechtbank

2. Als een bestuursorgaan niet op tijd beslist op een aanvraag of bezwaarschrift, kan de betrokkene daartegen in beroep gaan. Voordat hij beroep kan instellen, moet de betrokkene per brief aan het bestuursorgaan laten weten dat binnen twee weken alsnog beslist moet worden op zijn aanvraag of bezwaar (de zogenoemde ingebrekestelling). Als er na die twee weken nog steeds geen besluit is, dan kan de betrokkene beroep instellen. [2]
Is het beroep ontvankelijk?
3. Als de betrokkene de ingebrekestelling te vroeg stuurt, is het beroep niet-ontvankelijk. Dit betekent dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk kan beoordelen. Verweerder dient in beginsel binnen zes weken beslissen, gerekend vanaf het moment dat de bezwaartermijn voorbij is. Omdat het bezwaarschrift na de bezwaartermijn van zes weken is ingediend, dient de beslistermijn berekend te worden vanaf het moment dat het bezwaarschrift is ontvangen. Verweerder heeft het bezwaarschrift op 31 mei 2023 ontvangen. Omdat er een adviescommissie is, geldt er een beslistermijn van 12 weken. [3] Verweerder heeft die termijn verlengd met zes weken. Op grond van het voorgaande eindigde in dit geval de beslistermijn achttien weken na de datum van de ontvangst van het bezwaarschrift. Dit betekent dat de beslistermijn liep tot en met 4 oktober 2023. Eiseres heeft verweerder op 28 september 2023 in gebreke gesteld. Op dat moment was de beslistermijn nog niet verstreken.
3.1.
Het beroep is daarom kennelijk niet-ontvankelijk. Dat betekent dat de rechtbank het beroep tegen het niet tijdig beslissen niet kan beoordelen. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3.2.
Ten overvloede merkt de rechtbank op dat de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep tegen het niet tijdig beslissen op het bezwaarschrift, niet wegneemt dat verweerder inmiddels had moeten beslissen op het bezwaarschrift en, voor zover hij dit nog niet heeft gedaan, dit zo spoedig mogelijk alsnog dient te doen.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.A.M.L. van de Sande, rechter, in aanwezigheid van mr. M.R. Jouvenaar, griffier, op 14 december 2023 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De griffier is verhinderd om de uitspraak te ondertekenen.
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Dit staat in artikel 6:19, eerste en tweede lid, van de Awb.
2.Dit staat (onder andere) in artikel 6:12 van Pro de Awb.
3.Dit staat in artikel 7:10 en Pro 7:13 van de Awb.