De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 19 december 2023 de zaak tegen een minderjarige verdachte die werd verdacht van medeplegen van zware mishandeling en openlijke geweldpleging op 3 december 2022 in Terneuzen.
De officier van justitie achtte onvoldoende bewijs aanwezig voor medeplegen zware mishandeling, maar wilde wel openlijke geweldpleging bewezen achten. De verdediging betoogde dat verdachte slechts aanwezig was en een enkele duw gaf, zonder een slagbeweging te maken, en dat dit onvoldoende is voor een bewezenverklaring.
De rechtbank stelde vast dat verdachte aanwezig was tijdens het incident waarbij medeverdachten zwaar geweld pleegden, maar dat geen bewijs was voor een agressieve slagbeweging van verdachte. Ook ontbrak het aan bewijs voor nauwe en bewuste samenwerking voor het toebrengen van zwaar letsel.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van zowel het primair tenlastegelegde medeplegen zware mishandeling als het subsidiair tenlastegelegde openlijke geweldpleging. De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding werd niet-ontvankelijk verklaard omdat verdachte werd vrijgesproken.