ECLI:NL:RBZWB:2023:8914
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek proceskostenveroordeling na intrekking beroep wegens tegemoetkoming inspecteur
Belanghebbende had beroep ingesteld tegen navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 2017 en 2018. Het beroep werd ingetrokken nadat de inspecteur op 14 december 2022 het bestreden besluit had ingetrokken en de aanslagen geheel of gedeeltelijk had vernietigd of verminderd.
De rechtbank beoordeelde het verzoek van belanghebbende om de inspecteur te veroordelen tot betaling van proceskosten. Volgens de wet kan een bestuursorgaan worden veroordeeld in proceskosten wanneer het geheel of gedeeltelijk tegemoet is gekomen aan het beroep en het beroep wordt ingetrokken.
De rechtbank concludeerde dat de inspecteur aan belanghebbende was tegemoetgekomen door de navorderingsaanslagen te vernietigen en de aanslagen over 2018 ambtshalve te verminderen. Daarom wees de rechtbank het verzoek om proceskostenveroordeling toe en legde een vergoeding van €2.587,50 op aan de inspecteur.
Belanghebbende had ook verzocht om vergoeding van tolk-/vertalerkosten, maar dit was niet onderbouwd met bewijs. De rechtbank wees erop dat de inspecteur ook het door belanghebbende betaalde griffierecht van €50 moet vergoeden. De uitspraak werd gedaan door rechter S.A.J. Bastiaansen op 19 december 2023 zonder zitting.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de inspecteur tot betaling van € 2.587,50 aan proceskosten aan belanghebbende.