ECLI:NL:RBZWB:2023:9101
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- S. Hindriks
- T. Peters
- M.G.J. Maas-Cooymans
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning waterkering wegens te beperkt beoordelingskader door waterschap
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen de vergunning die het dagelijks bestuur van waterschap Scheldestromen aan vergunninghouder heeft verleend voor het ophogen van percelen nabij de primaire waterkering langs de Westerschelde. Het project betreft de realisatie van een stranddorp met ophoging van 1 tot 1,5 miljoen m³ grond.
De rechtbank oordeelt dat het waterschap bij de vergunningverlening onterecht alleen de waterveiligheid (artikel 2.1, lid 1, onder a van de Waterwet) heeft betrokken en niet de andere doelstellingen van de Waterwet, namelijk de bescherming en verbetering van de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen en de maatschappelijke functies van watersystemen (artikel 2.1, lid 1, onder b en c). Eiseres stelde dat de ophoging kan leiden tot verzilting, verhoogde grondwaterstanden en uitloging van verontreinigde stoffen, wat onvoldoende is onderzocht.
Het waterschap stelde dat de Keur alleen regels stelt ter bescherming van de waterveiligheid en dat aspecten als hoeveelheid, herkomst en kwaliteit van de grond buiten het beoordelingskader vallen. De rechtbank verwierp dit standpunt en stelde dat op grond van artikel 6.21 Waterwet alle doelstellingen uit artikel 2.1 betrokken moeten worden.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt het waterschap op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Het griffierecht en proceskosten worden aan eiseres toegewezen. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een bestuurlijke lus omdat niet duidelijk is of nader onderzoek nodig is.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en het waterschap moet een nieuw besluit nemen met een breder beoordelingskader.