Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een boete opgelegd wegens het rijden met 13 km/u te hard op de N62 Westerscheldetunnel buiten de bebouwde kom op 8 november 2021. Hij stelde dat hij vanwege een medische noodsituatie van zijn echtgenote, die een hypoglycemie had, sneller reed om een veilige plek te bereiken waar zij insuline kon toedienen.
De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, maar betrokkene ging in hoger beroep bij de kantonrechter. Tijdens de zitting was betrokkene afwezig, maar zijn verklaring was opgenomen in het beroepschrift. De kantonrechter erkende de gedraging, maar toonde begrip voor de situatie.
De rechter oordeelde dat betrokkene en zijn vrouw de situatie hadden kunnen voorzien en dat betrokkene had moeten wachten alvorens te rijden. Desondanks matigde de kantonrechter de boete tot de helft vanwege de noodsituatie, waardoor het beroep gedeeltelijk gegrond werd verklaard. De officier van justitie moet het teveel betaalde bedrag terugbetalen.
Uitkomst: Beroep gedeeltelijk gegrond verklaard en boete gematigd tot de helft wegens medische noodsituatie.