Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
feit 2:computervredebreuk heeft gepleegd;
feit 3:geldbedragen heeft gestolen met door de bankhelpdeskfraude verkregen bankpassen;
feit 2:een geldbedrag heeft gestolen met de door bankhelpdeskfraude verkregen bankpas;
feit 3:heeft geprobeerd een persoon op te lichten door middel van bankhelpdeskfraude.
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
ofverdachte ook op andere wijze kan worden vastgesteld, door bijvoorbeeld het aanstralen van (één van) hun telefoons of een herkenning, kan worden vastgesteld dat [medeverdachte 1] , [medeverdachte 3]
énverdachte betrokkenheid hadden bij dat desbetreffende zaaksdossier (waarbij vervolgens nog zal worden vastgesteld op welke van de 3 feiten die betrokkenheid concreet ziet).
van feit 1 is wel sprake nu dit feit is gepleegd op dezelfde dag en in dezelfde pleegplaats als de zaaksdossiers 51 en 67, zaak 66 (feit 2), zaak 74 (feit 3).
debankrekening waren gebeurd en/of dat er (een) frauduleuze en/of vreemde betaling(en) en/of overboeking(en) met de bankrekening(en) van slachtoffers was/waren gedaan en/of dat de computer van voornoemde personen geschoond moest worden en/of gecontroleerd moest worden en/of dat men bezig was om phishing te voorkomen en/of dat de bankpas(sen) behorende bij de bankrekening(en) van personen geblokkeerd en/of vernietigd moest(en) worden en/of dat voornoemde overboeking(en) ongedaan gemaakt moesten worden en
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partijen
€ 18.190,56, bestaande uit materiële schade. Zij vordert daarnaast een vergoeding voor immateriële schade maar heeft daaraan geen bedrag gekoppeld.
€ 3.000,00 aan immateriële schade.
€ 2001,00, bestaande uit materiële schade.
€ 2.000,00, bestaande uit materiële schade.
- een nieuwe pas € 7,50
- kosten stichting GIBO € 250,00
€ 18.660,00, bestaande uit € 17.560,00 aan materiële schade en € 1.100,00 aan immateriële schade (geld geleend van zoon/mantelzorger).
€ 6.000,00, bestaande uit materiële schade.
€ 10.000,00, bestaande uit materiële schade.
- Schadeloosstelling klanten € 150.980,19
- Onderzoekskosten € 2.460,00
8.Het beslag
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel, meermalen gepleegd;
bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel;
feit 3:medeplegen van een poging tot oplichting;
een jeugddetentie van 400 dagen, waarvan 360 voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaardendat verdachte:
een werkstraf van 200 uren;
vervangende jeugddetentiezal worden toegepast van
100 dagen;
* een telefoon (omschrijving: g2474363, goudkleurig, merk: Apple iPhone)
[benadeelde 1]van
€ 18.690, 56, waarvan € 18.190,56 aan materiële schade en € 500,00 aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 8 januari 2021 tot aan de dag der voldoening;
- veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot nu toe begroot op nihil;
- bepaalt dat verdachte met de mededaders hoofdelijk aansprakelijk is voor het gehele bedrag;
[benadeelde 1],
€ 18.690, 56te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 8 januari 2021 tot aan de dag der voldoening;
- bepaalt dat bij niet betaling
129 dagengijzeling kan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
- bepaalt dat indien en voor zover de verdachte aan een van beide betalingsverplichtingen heeft voldaan, de andere vervalt;
[benadeelde 2]van
€ 500,00aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 5 november 2020 tot aan de dag der voldoening;
- verklaart de benadeelde partij in het overige gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk en bepaalt dat de vordering voor dat gedeelte bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;
legt aan verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer
[benadeelde 2],
€ 500,00te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 5 november 2020 tot aan de dag der voldoening;
- bepaalt dat bij niet betaling
10 dagengijzeling kan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
- bepaalt dat indien en voor zover de verdachte aan een van beide betalingsverplichtingen heeft voldaan, de andere vervalt;
[benadeelde 3]van
€ 3.001,00aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 25 september 2020 tot aan de dag der voldoening;
- veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot nu toe begroot op nihil;
legt aan verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer
[benadeelde 3],
€ 3.001,00te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 8 januari 2021 tot aan de dag der voldoening;
- bepaalt dat bij niet betaling
41 dagengijzeling kan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
- bepaalt dat indien en voor zover de verdachte aan een van beide betalingsverplichtingen heeft voldaan, de andere vervalt;
[benadeelde 4]van
€ 2.000,00aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 1 december 2020 tot aan de dag der voldoening;
- veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot nu toe begroot op nihil;
- bepaalt dat verdachte met de mededaders hoofdelijk aansprakelijk is voor het gehele bedrag;
legt aan verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer
[benadeelde 4],
€ 2.000,00te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 december 2020 tot aan de dag der voldoening;
- bepaalt dat bij niet betaling
30 dagengijzeling kan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
- bepaalt dat indien en voor zover de verdachte aan een van beide betalingsverplichtingen heeft voldaan, de andere vervalt;
[benadeelde 5]van
€ 43.000,00aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 15 oktober 2020 tot aan de dag der voldoening;
- veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot nu toe begroot op nihil;
- bepaalt dat verdachte met de mededaders hoofdelijk aansprakelijk is voor het gehele bedrag;
legt aan verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer
[benadeelde 5],
€ 43.000,00te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 15 oktober 2020 tot aan de dag der voldoening;
- bepaalt dat bij niet betaling
250 dagengijzeling kan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
- bepaalt dat indien en voor zover de verdachte aan een van beide betalingsverplichtingen heeft voldaan, de andere vervalt;
[benadeelde 6]van
€ 757,70, waarvan € 257,70 aan materiële schade en € 500,00 aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 11 november 2020 tot aan de dag der voldoening;
legt aan verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer
[benadeelde 6],
€ 757,70te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 november 2020 tot aan de dag der voldoening;
- bepaalt dat bij niet betaling
16 dagengijzeling kan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
- bepaalt dat indien en voor zover de verdachte aan een van beide betalingsverplichtingen heeft voldaan, de andere vervalt;
- wijst de vordering voor zover deze ziet op de schadepost ‘geld geleend van zoon/mantelzorger’ af;
[benadeelde 10]van
€ 10.000,00aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 27 oktober 2020 tot aan de dag der voldoening;
legt aan verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer
[benadeelde 10] , € 10.000,00te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 26 oktober 2020 tot aan de dag der voldoening;
- bepaalt dat bij niet betaling
85 dagengijzeling kan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
- bepaalt dat indien en voor zover de verdachte aan een van beide betalingsverplichtingen heeft voldaan, de andere vervalt;
ING Bank N.V.van
€ 91.908,30aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 30 maart 2021 tot aan de dag der voldoening;
- wijst de vordering voor het overige af;