Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
€ 418,50
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens het handelen in strijd met een geslotenverklaring op de Vlashoflaan te Tilburg op 25 februari 2022. Betrokkene stelde beroep in bij de officier van justitie, die dit ongegrond verklaarde. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak werd eerst aangehouden om de officier van justitie de mogelijkheid te geven een aanvullend proces-verbaal te overleggen met een toelichting over de staandehouding. Deze aanvullende informatie werd niet verstrekt. De gemachtigde van betrokkene voerde aan dat er geen staandehouding had plaatsgevonden en dat er geen hoorzitting was, wat een ernstige procedurele schending inhoudt.
De kantonrechter oordeelde dat er onvoldoende grond was om aan te nemen dat de gedraging had plaatsgevonden, mede door het ontbreken van een toelichting door de verbalisant. Daarom werd het beroep gegrond verklaard, de boete en beslissing vernietigd, het betaalde bedrag terugbetaald en een proceskostenvergoeding toegekend. Tegen deze beslissing is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt gegrond verklaard en de boete wordt vernietigd.