ECLI:NL:RBZWB:2023:9490

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
21 december 2023
Publicatiedatum
24 januari 2024
Zaaknummer
C/02/417130 HA RK 23-264
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Wraking
Rechters
  • Peters
  • Broeders
  • Kool
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 36 RvArtikel 4 lid 2 sub d wrakingsprotocol
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Wrakingsverzoek afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid na eindbeslissing rechter

Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de rechter die belast was met de behandeling van zijn zaak, stellende dat er sprake was van kennelijke partijdigheid vanwege vermeende vooringenomenheid en onzorgvuldige afwegingen.

De wrakingskamer beoordeelde het verzoek en stelde vast dat het wrakingsverzoek pas werd ingediend nadat de rechter op 18 december 2023 een beschikking had gegeven die het verzoek tot een verkorte dagvaardingstermijn afwees. Hiermee was de behandeling van de zaak door die rechter beëindigd.

Op grond van artikel 36 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan een rechter alleen worden gewraakt zolang hij de zaak behandelt. Omdat de rechter de zaak reeds had afgerond, werd het wrakingsverzoek als te laat en daarmee kennelijk niet-ontvankelijk verklaard.

Een mondelinge behandeling van het verzoek werd achterwege gelaten conform het wrakingsprotocol. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.

Uitkomst: Wrakingsverzoek is kennelijk niet-ontvankelijk verklaard omdat het te laat na een eindbeslissing werd ingediend.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Wrakingskamer
Locatie Breda
zaaknummer C/02/417130 / HA RK 23-264
beslissing van 21 december 2023 inzake het wrakingsverzoek ex artikel 36 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) van:
[verzoeker] ,
woonplaats te [plaats] op een geheim adres,
verzoekster,
gemachtigde:
[gemachtigde] ,
verder te noemen: verzoeker.

1.Het procesverloop

Het verloop van de procedure blijkt onder meer uit:
  • de processtukken zoals opgenomen in de zaak met nummer 10842977 \ OV VERZ 23-6171;
  • het wrakingsverzoek ontvangen per e-mailbericht op 18 december 2023 om 13:54 uur.

2.Het verzoek

Het verzoek strekt tot wraking van mr. Eijssen-Vruwink, hierna te noemen de rechter, belast met de behandeling van de zaak met nummer 10842977 \ OV VERZ 23-6171.
De rechter berust niet in het wrakingsverzoek.

3.De gronden van het wrakingsverzoek

Door verzoeker is aangevoerd dat hij de rechter heeft gewraakt wegens kennelijke partijdigheid. Verzoeker heeft deze kennelijke partijdigheid niet nader onderbouwd. Hij heeft het volgende in zijn verzoek vermeld:
“(…) Er wordt moedwillig geen zorgvuldige afweging gemaakt, en de gedaagde partij is een frauderende zorgverlener welke een reeks aan bedreigingen en misstanden op naam heeft. Het heeft er (te)veel schijn van dat de kantonrechter een kennelijke vooringenomenheid jegens de gemachtigde en/of eiseres koestert, en daarmee is voldoende grond voor wraking. Het zou de kantonrechter sieren zelf plaats te maken en in het wrakingsverzoek te berusten. (…)”.

4.De beoordeling

4.1.
Op grond van artikel 36 Rv Pro kan op verzoek van een partij elk van de rechters die een zaak behandelen worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.
4.2.
De wrakingskamer stelt het volgende voorop. Bij de beoordeling van een beroep op het ontbreken van onpartijdigheid van een rechter geldt het uitgangspunt, dat een rechter op grond van zijn aanstelling wordt vermoed onpartijdig te zijn. Een uitzonderlijke omstandigheid kan een zwaarwegende aanwijzing opleveren dat een rechter ten aanzien van een procespartij een vooringenomenheid koestert, of dat een bij een partij bestaande vrees daarvoor objectief gerechtvaardigd is.
4.3.
Voordat tot inhoudelijke behandeling van het verzoek kan worden overgegaan dient te worden beoordeeld of het wrakingsverzoek tijdig is gedaan. Het verzoek moet worden gedaan zodra de daaraan ten grondslag gelegde feiten en omstandigheden bekend zijn geworden. Bovendien moet het wrakingsverzoek zijn ingediend vóórdat de behandeling van de zaak door het wijzen van een einduitspraak is geëindigd.
4.4.
In dit geval heeft de rechter op 18 december 2023 een beschikking gegeven waarin het verzoek van verzoekster tot een verkorte dagvaardingstermijn is afgewezen. De wrakingskamer oordeelt dat het verzoek is gedaan nadat door de rechter uitspraak is gedaan en dus is het verzoek te laat gedaan. De rechter behandelde ten tijde van het gedane wrakingsverzoek de zaak met zaaknummer 10842977 \ OV VERZ 23-6171 niet meer. Door de gegeven beschikking van 18 december 2023 is het verzoek van verzoekster afgehandeld.
Deze omstandigheid moet ertoe leiden dat verzoeker niet in het wrakingsverzoek kan worden ontvangen. Wraking van een rechter is op grond van de wet immers alleen mogelijk zolang een zaak wordt behandeld door die rechter. De wetgever heeft niet voorzien in de mogelijkheid een rechter te wraken, wanneer deze de behandeling van de zaak heeft beëindigd door het geven van een eindbeslissing. Met die beslissing heeft immers iedere verdere bemoeienis van die rechter met de zaak opgehouden.
4.5.
Omdat sprake is van niet-ontvankelijkheid laat de wrakingskamer een mondelinge behandeling van het verzoek achterwege, overeenkomstig het bepaalde in artikel 4 lid 2 sub d van Pro het wrakingsprotocol van deze rechtbank (gepubliceerd op www.rechtspraak.nl, ga naar: rechtbank Zeeland-West-Brabant, regels en procedures, wrakingsprotocol).

5.De beslissing

De wrakingskamer:
- verklaart het verzoek tot wraking kennelijk niet-ontvankelijk.
Deze beslissing is gegeven op 21 december 2023 door mr. Peters, rechter en voorzitter, mr. Broeders en mr. Kool, rechters, en op dezelfde dag uitgesproken in aanwezigheid van mr. Rockx, griffier. De beslissing wordt openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De griffier, De voorzitter,
Afschrift aangetekend verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.