Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een administratieve boete opgelegd wegens het niet afsluiten en in stand houden van een verzekering voor een bromfiets. De overtreding werd vastgesteld door het RDW op 10 maart 2022. Betrokkene voerde aan dat de bromfiets op 8 januari 2022 was gestolen en dat zij een nieuwe scooter had aangeschaft en verzekerd vanwege haar stage.
De teruggevonden bromfiets was zwaar beschadigd en niet berijdbaar, en betrokkene had deze in de tuin van een vriend geplaatst zonder te weten dat zij deze moest verzekeren. Zij verzocht om matiging van de boete vanwege haar financiële situatie, waaronder een lage stagevergoeding en het feit dat zij uitwonend was.
De officier van justitie stelde dat de kentekenhouder verantwoordelijk is voor verzekering of schorsing, ook bij diefstal en beschadiging. Gezien de omstandigheden achtte de kantonrechter de boete terecht, maar matigde deze tot nihil vanwege de niet-berijdbare staat van de bromfiets en de financiële situatie van betrokkene.
De officier van justitie werd opgedragen het teveel betaalde bedrag van €379,00 terug te betalen. Het beroep werd gedeeltelijk gegrond verklaard en de beslissing van de officier van justitie gewijzigd.
Uitkomst: De boete voor het niet verzekeren van de bromfiets is gematigd tot nihil vanwege diefstal en financiële omstandigheden.