Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
€ 209,25
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Aan betrokkene is een administratieve sanctie opgelegd voor het handelen in strijd met een geslotenverklaring op een weggedeelte in Tilburg. Betrokkene stelde dat hij niet staande is gehouden en dat de boete ten onrechte is opgelegd. De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, waarna betrokkene beroep instelde bij de kantonrechter.
Tijdens de zitting op 4 december 2023 was betrokkene en zijn gemachtigde niet aanwezig. De kantonrechter oordeelde dat uit het zaakoverzicht onvoldoende blijkt waarom er geen reële mogelijkheid tot staandehouding was. De verbalisant had niet voldoende onderbouwd waarom hij niet kon ingrijpen, wat volgens vaste jurisprudentie vereist is.
Daarnaast bleek dat een onjuiste feitcode was gebruikt bij het opleggen van de boete. Ook was de redelijke termijn voor het opleggen van de boete met meer dan twee jaar overschreden. De kantonrechter vernietigde daarom de beschikking en de beslissing van de officier van justitie, en veroordeelde de officier tot terugbetaling van het betaalde bedrag en tot vergoeding van de proceskosten aan betrokkene.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt gegrond verklaard en de boete wordt vernietigd met terugbetaling en proceskostenvergoeding.