Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden op de Rijksweg A4 te Bergen op Zoom op 22 augustus 2022.
Betrokkene stelde in beroep dat hij de gedraging niet had verricht, maar dit werd door de officier van justitie en later door de kantonrechter verworpen. De verklaring van de verbalisant, die de gedraging duidelijk en onbelemmerd had waargenomen, vormde voldoende bewijs.
De kantonrechter oordeelde dat een enkele ontkenning onvoldoende is om de waarneming van een getrainde verbalisant te betwijfelen. Er waren geen specifieke feiten of omstandigheden die twijfel konden zaaien over de juistheid van de verklaring.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en werd de boete gehandhaafd. Betrokkene werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep binnen zes weken bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wegens vasthouden van een mobiel apparaat tijdens het rijden wordt ongegrond verklaard.