Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene werd beboet omdat de lichtdoorlatendheid van de voorruit en voorste zijruiten van zijn voertuig minder dan 55% bedroeg, wat in strijd is met artikel 5.2.42 RVV. De overtreding vond plaats op 17 december 2022 te Den Hoek. Betrokkene voerde aan dat de auto geïmporteerd was uit Sint-Maarten en door de RDW was goedgekeurd, zonder dat eerder opmerkingen waren gemaakt.
Tijdens de zitting gaf betrokkene aan dat de folie al door een vorige eigenaar was aangebracht en dat hij zich niet bewust was van de overtreding. Ook stelde hij dat hij als cameraman vaak politiefunctionarissen vervoerde die niets over de folie zeiden. De officier van justitie erkende dat de overtreding vaststaat, maar stelde voor de boete te matigen tot de helft vanwege de omstandigheden.
De kantonrechter oordeelde dat de overtreding onomstotelijk vaststaat en de boete terecht is opgelegd. Wel achtte hij de omstandigheden en het feit dat betrokkene de situatie direct heeft hersteld reden om de boete te matigen tot nihil. De officier van justitie werd opgedragen het teveel betaalde bedrag aan zekerheid terug te betalen. Het beroep is daarmee gedeeltelijk gegrond verklaard.
Uitkomst: De boete wegens onvoldoende lichtdoorlatendheid is gematigd tot nihil en het teveel betaalde bedrag wordt terugbetaald.