Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.De procedure
- het tussenvonnis van 28 oktober 2022
- de akte overlegging producties tevens vermeerdering van eis van [eiser] van 24 mei
- de akte houdende producties van [gedaagde] van 24 mei 2023
- de aantekeningen van de mondelinge behandeling.
2.De feiten
De vennoot die het opbrengende vermogen van een gepachte hoeve en/of grond en gebouwen in de vennootschap inbrengt, behoudt zich alle rechten voor welke voortvloeien uit de betreffende pachtovereenkomst en behoudt het gehele zeggenschap over het gepachte om de rechten van de inbrengende vennoot ten aanzien van de voortzetting van de pacht te waarborgen. Alle met het gebruik samenhangende kosten, inclusief pachtsommen, komen ten laste van het bedrijfsresultaat van de vennootschap”.
3.Het geschil
- de tussen [eiser] en [gedaagde] bestaande pachtovereenkomst met betrekking tot de percelen [gemeente] [sectie] [nummers] met een oppervlakte van 48.09.00 ha te ontbinden per de datum van dit vonnis;
- [gedaagde] te veroordelen tot ontruiming van de percelen binnen één maand na betekening van dit vonnis, op straffe van een dwangsom;
- te bepalen dat de pachtovereenkomst tussen [eiser] en [gedaagde] met betrekking tot de percelen [gemeente] [sectie] [nummers] met een opppervlakte van 48.09.00 ha eindigt per 1 december 2024 en het tijdstip van de ontruiming vast te stellen per 1 december 2024;
- [gedaagde] te veroordelen tot ontruiming van de percelen op voornoemd tijdstip, op straffe van een dwangsom;