ECLI:NL:RBZWB:2024:1353
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Wraking
- Peters
- M.D.E. Leppens
- Van Alphen
- Rechtspraak.nl
Wrakingsverzoek rechter belastingzaken kennelijk ongegrond verklaard
Verzoeksters hebben een wrakingsverzoek ingediend tegen de belastingrechter mr. Bogert, stellende dat deze de schijn van partijdigheid wekte door hun verzoek tot uitstel van de zitting zonder motivering af te wijzen.
De wrakingskamer heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van artikel 8:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, waarbij wordt uitgegaan van de onpartijdigheidsvermoeden van rechters, en alleen uitzonderlijke omstandigheden leiden tot wraking.
De kamer oordeelt dat de afwijzing van het uitstelverzoek een procesbeslissing betreft waarover geen wrakingsklacht kan worden ingediend, ook niet vanwege de motivering daarvan. Er is geen objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid of schijn daarvan.
De wrakingskamer verklaart het verzoek dan ook kennelijk ongegrond en besluit de behandeling van de hoofdzaken voort te zetten in de stand van vóór de schorsing. Er is geen rechtsmiddel tegen deze beslissing mogelijk.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de belastingrechter is kennelijk ongegrond verklaard en het proces wordt voortgezet.