AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Herziening vaststelling NOW-subsidies bij meerdere loonheffingennummers binnen één werkgever
Eiseres, werkzaam in de uitzendbranche, maakte bezwaar tegen de vaststelling van definitieve tegemoetkomingen in loonkosten op grond van NOW-regelingen over meerdere aanvraagperiodes. De kern van het geschil betrof het feit dat eiseres twee loonheffingennummers hanteert vanwege administratieve redenen, terwijl medewerkers intern doorstromen tussen fasen die aan verschillende loonheffingennummers zijn gekoppeld.
De minister had de subsidies per loonheffingennummer vastgesteld, wat leidde tot lagere definitieve tegemoetkomingen en terugvorderingen van voorschotten. Eiseres stelde dat de loonsommen van beide loonheffingennummers bij elkaar opgeteld moesten worden, omdat zij voldaan had aan het doel van de NOW-regeling, namelijk het behoud van werkgelegenheid.
De rechtbank oordeelde dat de minister de belangen niet juist had afgewogen en onvoldoende maatwerk had toegepast. De minister had niet aannemelijk gemaakt dat het vasthouden aan de systematiek van NOW-regelingen zwaarder woog dan het belang van eiseres bij gelijke behandeling. De beroepen werden gegrond verklaard, de bestreden besluiten vernietigd en de minister opgedragen binnen zes weken opnieuw te beslissen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van griffierechten en proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen gegrond, vernietigt de bestreden besluiten en draagt de minister op binnen zes weken opnieuw te beslissen met samenvoeging van loonheffingennummers.
Voetnoten
1.Derde tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid
2.Vijfde tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid
3.Zesde tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid
4.UWV = Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen
5.Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2020-2021, nr. 2950
6.Voor de derde en vierde tranche (oktober, november en december 2020 en januari, februari en maart 2021) is de referentiemaand juni 2020. Voor zevende tranche (november en december 2021) is de referentiemaand september 2021 en voor de achtste tranche (januari, februari en maart 2022) is de referentiemaand oktober 2021.
7.De interne gedragslijn luidt volgens de minister dat situaties waarbij tegen de vaststelling bezwaar is gemaakt en het gaat om verschillende loonheffingennummers binnen één rechtspersoon of natuurlijk persoon en deze wijzigingen een puur administratief karakter hebben, worden voorgelegd aan de ‘Kleine Commissie’ van het UWV.
8.Artikel 7, derde lid, van Now-3, artikel 9, derde lid, van Now-5 en artikel 7, derde lid, van Now-6
9.Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2020-2021, nr. 2950
10.Artikel 3, eerste lid, van het Bpb en Bijlage C2 van het Bpb.