Uitspraak
1.De procedure
- het tussenvonnis van 22 november 2023 met de daarin genoemde stukken,
- de op 1 februari 2024 door de griffie ontvangen akte met één productie van TIWOS,
- de mondelinge behandeling van 6 februari 2024, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
5.De beslissing
- een bedrag van € 2.919,36 aan huurachterstand, verschenen rente en buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 2.401,33, te berekenen vanaf 12 oktober 2023, met inachtneming van tussentijdse betalingen, tot volledige betaling daarvan,
- een bedrag van € 577,44, of zoveel hoger als bij een wettelijke huurverhoging is toegelaten, voor elke maand vanaf november 2023 dat [gedaagde] het gehuurde in gebruik houdt,