ECLI:NL:RBZWB:2024:1565
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraken op bezwaar en terugwijzing naar inspecteur wegens onterecht niet-ontvankelijkheid
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen uitspraken op bezwaar van de inspecteur van de belastingdienst betreffende aanslagen inkomstenbelasting en inkomensafhankelijke bijdrage zorgverzekeringswet 2017. De inspecteur had de bezwaren niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening.
De rechtbank oordeelt dat de inspecteur ten onrechte de bezwaren niet-ontvankelijk heeft verklaard omdat belanghebbende de beslissingen pas op 3 augustus 2021 heeft ontvangen, terwijl de dagtekening van de beslissingen 15 maart 2021 is. Hierdoor begon de termijn voor bezwaar pas na die datum te lopen.
De rechtbank vernietigt de uitspraken op bezwaar en draagt de inspecteur op om alsnog inhoudelijk op de bezwaren te beslissen. Tevens moet de inspecteur het griffierecht van € 50,- aan belanghebbende vergoeden. Er is geen sprake van proceskostenvergoeding.
De uitspraak is gedaan zonder zitting op grond van artikel 8:54 Awb Pro omdat de beroepen kennelijk gegrond zijn. Partijen kunnen binnen zes weken verzetschrift indienen tegen deze uitspraak.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de uitspraken op bezwaar en wijst de zaak terug naar de inspecteur voor inhoudelijke beslissing.