Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
2.Verzoek
3.Standpunten
4.Beoordeling
5.Beslissing
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 1986 te [geboorteplaats];
13 maart 2024.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 21 februari 2024 het verzoek van de officier van justitie tot verlenging van een crisismaatregel voor betrokkene, die lijdt aan een bipolaire stoornis en een ernstige verslavingsstoornis. Betrokkene was opgenomen wegens excessief alcoholgebruik en zelfbeschadiging, waarbij sprake was van ernstig lichamelijk letsel en gevaar voor de veiligheid van haar en haar omgeving.
Tijdens de mondelinge behandeling gaf betrokkene aan dat het goed met haar gaat en zij naar huis wil, maar deskundigen stelden dat zij weinig inzicht toont en ambivalent is over behandeling. De psychiater benadrukte de zorgelijke situatie en het ontbreken van duurzame vrijwilligheid, en pleitte voor voortzetting van de opname en behandeling. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven beschikbaar.
De rechtbank oordeelde dat de voorgestelde verplichte zorg, waaronder medicatie, medische controles, bewegingsbeperking en toezicht, evenredig en effectief is om het ernstig nadeel af te wenden. Daarom werd de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel verleend tot en met 13 maart 2024, met de mogelijkheid tot het treffen van de genoemde zorgmaatregelen.
Uitkomst: De rechtbank verleent de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel met verplichte zorgmaatregelen tot en met 13 maart 2024.