ECLI:NL:RBZWB:2024:1626
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Bodemzaak
- Karsten-Badal
- Rechtspraak.nl
Betalingsverplichting niet-lid recreatiegebied voor beheerkosten en incassokosten
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 6 maart 2024 uitspraak gedaan in een civiele zaak tussen een vereniging en een eigenaar van kavels op een recreatiegebied. Eerder is reeds vastgesteld dat gedaagde, hoewel geen lid van de vereniging, gehouden is tot betaling van beheerkosten en verbruikskosten voor nutsvoorzieningen, inclusief een opslag voor permanente bewoning. Deze eerdere vonnissen zijn in kracht van gewijsde gegaan en hebben gezag van gewijsde.
In de onderhavige procedure vordert eiser betaling van openstaande facturen en bijkomende kosten. Gedaagde heeft verzocht om herroeping van eerdere vonnissen, maar dit verzoek is niet ontvankelijk verklaard omdat herroeping alleen via een aparte dagvaarding kan worden ingesteld binnen drie maanden na bekendwording van het vonnis.
De rechtbank oordeelt dat gedaagde niet onrechtmatig heeft gehandeld door zijn procesrecht te gebruiken, mede gezien zijn persoonlijke optreden zonder juridische bijstand. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden toegewezen op basis van het Besluit vergoeding buitengerechtelijke incassokosten. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van het totale bedrag van € 1.238,10, vermeerderd met wettelijke rente, en de proceskosten van € 766,82. Het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van € 1.238,10 plus rente en proceskosten van € 766,82; verzoek tot herroeping eerdere vonnissen wordt afgewezen.