Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
- cliënt, bijgestaan door haar advocaat;
2.Het verzoek
3.Standpunten
4.Beoordeling
5.Beslissing
[cliënt], geboren op [geboortedag] 1932 te [geboorteplaats] ;
28 augustus 2024.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) verzocht de rechtbank om een machtiging tot opname en verblijf voor een cliënt geboren in 1932, wegens een psychogeriatrische aandoening (dementie) die leidt tot ernstig nadeel. De cliënt verzet zich tegen opname en wil in haar eigen woning blijven wonen, waar zij zelfstandig huishoudelijke taken verricht en zich gelukkig voelt.
De casemanager en bewindvoerder stelden echter dat de cliënt onvoldoende zelfzorg kan bieden, regelmatig valpartijen heeft, onderkoeld wordt aangetroffen, en vereenzaamt door gebrek aan sociaal netwerk. De thuiszorg is maximaal ingezet maar biedt geen voldoende veiligheid en zorg, waardoor opname in een verpleeginstelling noodzakelijk is.
De rechtbank concludeerde dat de cliënt lijdt aan geheugenproblemen, desoriëntatie en gebrek aan ziektebesef, wat leidt tot ernstig lichamelijk letsel, psychische schade, verwaarlozing en maatschappelijke teloorgang. Minder ingrijpende maatregelen zijn uitgeput. De machtiging wordt daarom verleend voor de duur van zes maanden om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden.
Uitkomst: De rechtbank verleent een machtiging tot opname en verblijf voor zes maanden wegens ernstig nadeel door dementie.